Cols: 9 mooie bergpassen

Bergpassen: wegen die zich kronkelend omhoog werken over de alpenweides. Hoe hoger je komt, hoe smaller de weg. Links van je een steile rotswand, rechts een diepe afgrond waarvan je de bodem niet eens kunt zien. Boven gekomen wacht je een prachtig uitzicht.

Tegenwoordig vormen bergpassen een leuk toeristisch uitje, en kun je er heerlijke roadtrips maken. Als je van fietsen houdt vormen ze bovendien op een fysiek niveau weer een enorme uitdaging. Het levert bovendien de mooiste beelden op wanneer de renners van de Tour de France een van de mytische cols proberen te bedwingen. In vroeger tijden waren bergpassen vaak de enige verbinding met de buitenwereld voor de plaatselijke inwoners. Of ze werden aangelegd door het leger, om de grens beter te kunnen verdedigen.

Geschiedenis, natuur, heroïek, alles komt samen op een bergpas. Maar wat zijn nu de mooiste cols van Frankrijk? We zetten onze favorieten voor je op een rijtje.

Col d’Izoard

De Col d’Izoard (2361m) is een bergpas tussen Briançon en de Queyras, een dal in de Franse Alpen. Onderweg passeer je een indrukwekkend landschap van rotsachtige berghellingen begroeid met lariksen en mooie uitzichtpunten. Vanaf het zuiden is de bergpas het meest uitdagend, zeker als je als startpunt Guillestre neemt. Eerst kom je dan door de Combe de Queyras, een smalle bergkloof. Vervolgens gaat het langzaam omhoog door de gemeente Arvieux en tot slot kom je voorbij de Casse Déserte, een maanlandschap met rotsen en puinhellingen. De afdaling naar Briançon gaat over een bochtige weg door opnieuw veel lariksbossen, wat met name in de herfst een prachtig gezicht is.

Col Agnel

Met 2744 meter hoogte is de Col Agnel een van de hoogste bergpassen van het land, en ook de hoogste berijdbare pas die tegelijk een grens vormt. Langs de aanloop vanuit de Queyras liggen allerlei pittoreske dorpen en gehuchten. Je rijdt omhoog door een steeds desolater wordend landschap en via een bochtige weg bereik je de pashoogte. Ook aan de Italiaanse kant is het een mooie route, met mooie dorpen met natuurstenen huizen. Door de natuurlijke afscheiding die de bergen vormen heerst er aan beide kanten van de pas een ander klimaat. Zo kan het gebeuren dat het aan de ene kant zonnig is, en aan de andere kant alles bedekt wordt onder een dik wolkendek.

Col du Galibier

De Col du Galibier is misschien wel de bekendste bergpas van Frankrijk. Al tientallen keren passeerde de Tour de France de Galibier. De pas van 2646 meter hoogte vormt de verbinding tussen het dal van de Maurienne en de dalen van de Romanche en Guisane. Aan de noordkant moet je eerst nog de Col du Télégraphe bedwingen, aan de zuidkant ligt de Col du Lautaret. Op de col ligt een uitzichtpunt, waarvandaan je onder meer de Mont-Blanc kunt zien liggen.

Col de l’Iseran

De hoogste van allemaal is de Col de l’Iseran. Deze is met 2770 meter zelfs de hoogste bergpas van Europa. De weg ligt tussen Val d’Isère en Bonneval-sur-Arc. Officieel start de pasweg vanaf Bourg-Saint-Maurice meer naar het noorden. net voor Sainte-Foy-Tarentaise kom je de eerste haarspeldbochten tegen. Aan de zuidkant bereik je na een handvol bochten al snel het fraai gelegen bergdorp Bonneval.

Col du Glandon en Col de la Croix-de-fer

Aan de westkant van de Franse Alpen liggen ook twee prachtige cols vlak bij elkaar. Deze vormen de verbinding tussen de dalen van Oisans en de Maurienne. De eerste, de Col du Glandon is met 1924 meter net iets lager dan de Croix-de-fer, die op 2068 meter hoogt ligt. De twee bergpassen vormen een mooie aanblik door het kale, desolate landschap waarin ze liggen. Aan de oostkant van de cols vind je het populaire skigebied Les Sybelles, bij de dorpen Saint-Jean-d’Arves en Saint-Sorlin-d’Arves.

Col du Tourmalet

De Col du Tourmalet is de meest bereden bergpas van de Tour de France. Al in de achttiende eeuw lag hier een verharde weg, en lang daarvoor was het ook al een belangrijke doorgangsroute. De pasroute wordt aan de noordkant gedomineerd door de iconische Pic du Midi de Bigorre, waar een sterrenwacht gevestigd is en waar je met de kabelbaan naar boven kunt.

Col de la Cayolle

Een van de smallere en bochtigere cols van Frankrijk is de Col de la Cayolle, aan de noordwestkant van de Mercantour. Het vormt de verbinding tussen Barcelonnette en het dal van de Var. De col heeft een maximale hoogte van 2337 meter en is net als de meeste andere bergpassen in de winter gesloten vanwege sneeuwval. Vanaf de col zijn diverse mooie wandelingen te maken, onder meer naar de Mont Pelat, een berg van 3052 meter hoogte. Iets verder naar het zuiden ligt het bekende Lac d’Allos, het grootste natuurlijke hooggebergtemeer van Europa.

Col de Pailhères

Net boven de tweeduizend meter hoogte kom je met de Port de Pailhères, ook wel Col de Pailhères genoemd. De col vormt een belangrijke route tussen Ax-les-Thermes en de zuidelijke gedeeltes van de Aude. Een mooie wandeling vanaf de pas loopt naar de Pic de Tarbésou, met uitzicht op enkele meertjes.

Col de la Bonette

Ooit was deze strategische doorgangsroute niet meer dan een muildierpad tussen het dal van de Ubaye en de Mercantour. Napoleon III liet hem verbreden, maar de huidige weg kwam pas in 1964 gereed. Bijzonder aan de Col de la Bonnette is dat hij toegang geeft tot de Cime de la Bonette, een van de hoogste verharde wegen van Europa (2802m). Vanaf de hoogste delen van de pasweg heb je schitterende weidse uitzichten over de omliggende bergtoppen.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar boven
Close